PEA

Onderzoek naar rol PEA bij autisme

Autisme wordt gedefinieerd door een bepaald soort gedrag. Een groeiende hoeveelheid aan bewijs dat ontstekingen van invloed zijn op deze aandoening, wekt het idee dat mensen met autisme baat hebben bij het gebruik van PEA.
Autisme kent verschillende diagnoses, zoals Autisme Spectrum Stoornis (ASS), klassiek autisme, Asperger en PDD-NOS (waaronder subgroep McDD).
Mensen met autisme verwerken informatie op een andere manier dan mensen die geen autisme hebben. Je wordt geboren met autisme en zeker niet veroorzaakt door de opvoeding. Alles wat mensen met autisme zien, horen, ruiken, voelen, et cetera wordt op een andere manier verwerkt; een manier die niet-autistische mensen vaak niet begrijpen. Veel mensen met autisme hebben oog voor detail, zijn eerlijk en recht door zee, zeer analytisch en hardwerkend. Over het algemeen hebben ze meer moeite met het overzicht houden en sociale contacten. Daarnaast hebben ze een opvallend beperkt aantal interesses en activiteiten.

Of iemand autisme heeft of niet kun je niet aan de buitenkant zien. Sommige mensen met autisme zijn ontzettend intelligent, anderen hebben een beperking. Sommige mensen met autisme zoeken weinig contact met mensen, anderen doen dit juist zeer actief.

In Nederland hebben zo’n 190.000 mensen een vorm van autisme. Dat is ruim 1%.

Door meer onderzoek te doen naar autisme, kunnen nieuwe behandelingsvormen ontstaan. Nieuw onderzoek naar de rol van PEA op het ontstaan van autisme biedt nieuwe inzichten.
PEA kent pijnstillende en ontstekingsremmende eigenschappen. Al jarenlang hebben veel mensen baat bij dit natuurlijke middel. Op dit moment zijn de effecten na het gebruik van PEA bij mensen met autisme slechts op twee autistische kinderen getest. Om een beter beeld te krijgen van de daadwerkelijke effecten van PEA op autisme is het belangrijk dat er meer onderzoek wordt gedaan naar deze effecten.

Het onderzoek naar de rol van PEA op autisme onder kinderen leest u hier.

Email this to someoneShare on FacebookPin on PinterestShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn
CTS

PEA bij Carpaal Tunnel Syndroom (CTS)

Mensen die lijden aan het Carpaal Tunnel Syndroom (CTS) hebben last van een beknelling van de nervus medianus (middelste handzenuw). Deze loopt vanaf de onderarm via de pols naar de hand. Het gedeelte in de pols waar deze zenuw doorheen loopt heet de carpale tunnel. In deze tunnel zitten ook pezen. Bij CTS ontstaat er een zwelling waardoor de druk in de carpale tunnel toeneemt. Zenuwen zijn gevoelig voor druk vanwege hun gevoeligheid. Hierdoor raakt de zenuw in de carpale tunnel gauw bekneld.
De zwelling die ontstaat bij CTS kan een gevolg zijn van het overbelasten van de hand, een ongeluk, zwangerschap of, diabetes, overgewicht en een traag-werkende schildklier. Over het algemeen komt CTS vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.

Symptomen
Door de beknelling van de zenuw kunnen de volgende klachten optreden:
– Tintelingen in de hand of vingers
– Pijn in de hand of vingers, met uitstaling naar de onderarm, elleboog en schouder.
– Slapende hand of vingers
– Gevoelloze en stijve vingers of hand
– Afname van de kracht in de hand.

Klachten nemen vaak ’s nachts toe en tijdens het gebruik van de hand.

Ontsteking
De druk op de zenuwen wordt veroorzaakt door een ontsteking. De werking van de ontstekingscellen kan geremd worden door PEA.
PEA reguleert diverse fysiologische processen en is effectief in een aantal gevallen, zoals zenuwpijn, ontstekingen en ischias. PEA werkt vooral in op gliacellen en neuronen.
De vicieuze cirkel van ontstekingen en pijn kan hierdoor worden gestopt.

PEA bij CTS
In een aantal klinische onderzoeken is PEA onderzocht bij ischias en/of chronische rugpijn als gevolg van CTS. In totaal werden er 1366 patienten in acht onderzoeken getest. Deze onderzoeken zijn onder andere gepresenteerd op een internationaal congres over neuropathische pijn in Athene in 2010.
In de onderzoeken werden twee verschillende doseringen (300 en 600 milligram per dag) in een behandeling ingezet en vergeleken met een placebo. De proefpersonen waren allemaal patienten die lijden aan chronische zenuwpijn. De pijn nam tot 50% af bij de proefpersonen, zonder vervelende bijwerkingen.

Email this to someoneShare on FacebookPin on PinterestShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn
PEA retinopathie

PEA bij retinopathie

PEA wordt vaak gezien als natuurlijke pijnstiller. Maar naast pijnstillende eigenschappen heeft dit vetzuuramide ook ontstekingsremmende eigenschappen. Daarom wordt PEA ook ingezet bij de behandeling van retinopathie.
Retinopathie is een aandoening aan het netvlies en is een gevolg van schade aan slagadertjes en haarvaten van het oog. Dit komt vaak voor bij mensen met glaucoom, hypertensie, sikkelcelanemie en diabetes. Retinopathie is de meest voorkomende microvasculaire complicatie bij diabetes en is de belangrijkste oorzaak van blindheid. Factoren die meespelen bij diabetische retinopathie zijn ontstekingen, de zenuwgroeifactor en epi-genetica.
De meest voorkomende oorzaak van blindheid in de westerse wereld is retinopathie. In geval van diabetes is het belangrijk dat de patiënt goed ingesteld is, waardoor zijn bloedwaarden niet te veel zullen pieken en dalen. Het netvlies is zeer kwetsbaar, met name de retinale ganglioncellen, en raakt gemakkelijk beschadigd als gevolg van diverse aandoeningen. Oogartsen geven dan ook een hoge prioriteit aan de bescherming van het netvlies.
Recent onderzoek wijst uit dat de oorzaak van retinopathie ligt bij een chronische ontsteking. Deze ontsteking zorgt voor vernietiging van weefsel.

Deze nieuwe inzichten waren een aanleiding voor een onderzoek naar de rol van PEA bij dit ziektebeeld, omdat PEA ontstekingsremmende eigenschappen bezit. Veel eigenschappen van PEA kunnen worden verklaard door het feit dat PEA invloed heeft op pro-inflammatoire genen. Dit zijn genen die ontstekingen veroorzaken.

Tevens werkt PEA beschermend voor het netvlies, omdat het cel-beschermende en immuun- en glia-modulerende eigenschappen bezit.
Daarnaast verlaagt PEA de intra-oculaire druk; dit is belangrijk in het voorkomen van glaucoom. In een gerandomiseerde, dubbelblinde, cross-over studie ontvingen 42 patiënten met een verhoogde intra-oculaire, ook weloogdruk, PEA of een placebo gedurende twee maanden. Na deze twee maanden werd de oogdruk weer gemeten. Bij de patiënten die PEA hadden gebruikt (600 milligram per dag) was de oogdruk druk afgenomen. Bij de patiënten met een placebo nauwelijks. Zo’n zelfde onderzoek is later nog eens uitgevoerd waarbij de resultaten het zelfde waren. Bij beide onderzoeken zijn geen bijwerkingen gevonden van PEA.

Email this to someoneShare on FacebookPin on PinterestShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn